Logo Jantina van der Waal

Praktijk voor Natuurgeneeskunde

Jantina van der Waal

zon1

Verstandig bruinen is geleidelijk bruinen. Het is heel belangrijk om verbranding (dus beschadiging van het DNA) te voorkomen, dus uit de zon gaan of smeren voordat de huid rood wordt of gaat prikken.

In toenemende mate wordt gewaarschuwd voor zonnen, omdat dit het gevaar op huidkanker kan vergroten. Er zijn echter belangrijke nadelen aan zonvermijding.

Een deel van de zonnestraling bestaat uit ultraviolette (UV) straling. UV-straling is heel krachtig en kan de cellen beschadigen. Dit zie (en voel) je als je verbrand bent. Ook het DNA van de cel beschadigt, en als dit niet goed gerepareerd wordt (er is een eigen DNA-reparatiedienst, maar die maakt wel eens wat foutjes) kan dat op den duur tot huidkanker leiden.

De huid heeft van zichzelf een beschermingsmechanisme tegen verbranding in de vorm van de kleurstof melanine. Melanine wordt onder invloed UV-straling gevormd en kleurt de huid bruin. Vervolgens houdt het de UV-straling tegen, zodat deze de diepere huidlagen niet meer kan bereiken, waardoor beschadiging wordt voorkomen. Hoe bruiner je bent des te beter ben je beschermd tegen verbranding.

De maximale hoeveelheid melanine in de huid ligt erfelijk vast. Hoeveel zonnestraling sommige mensen ook krijgen, ze worden nooit bruin. En hoe weinig straling anderen krijgen, ze zijn altijd bruin. 

Mensen met weinig melanine kunnen daardoor korter in de zon dan mensen met veel melanine. Wel maken mensen met weinig melanine in de zon heel snel vitamine D aan, omdat de UV-straling nauwelijks tegengehouden wordt. Donkere mensen daarentegen zullen veel langer in de zon moeten voordat zij een voldoende voorraad vitamine D hebben.

De hoeveelheid licht die in de ogen komt bepaalt mede de bruiningssnelheid. Bij veel zonlicht (via de ogen) ontstaat in de hersenen een signaal dat huidcellen aanzet om meer melanine te maken, dus eerder te bruinen en meer bescherming te bieden. Het dragen van een zonnebril geeft dus verkeerde informatie aan de hersenen, waardoor de bescherming tegen verbranding vermindert.

Onder invloed van UV-licht wordt in de huid ook vitamine D gevormd. Vroeger dacht men dat deze vitamine voornamelijk van belang was voor de kalkhuishouding en dan met name voor de botvorming. Recent is zeer veel onderzoek naar vitamine D gedaan, en blijkt het nog veel meer funkties te vervullen.

Voldoende vitamine D is dan ook heel belangrijk voor de gezondheid. Door op een verstandige manier van de zon te genieten kun je ’s zomers de vitamine D voorraad vergroten.

Verstandig bruinen:

  1. geleidelijk wennen, dus eerst kort in de zon zonder of met een lage beschermingsfactor. Voordat de huid gaat prikken of rood kleurt lichtdichte kleding aantrekken en/of smeren met hoge beschermingsfactor. Naarmate de huid bruiner wordt kun je meer zonlicht verdragen. Verbranden werkt averechts omdat de huid daarna gaat vervellen, en dan is de kleur er weer af.
  2. In de periode dat je met lage bescherming in de zon bent geen zonnebril dragen
  3. Zorgen dat je voldoende visolie (vette vis of de olie zelf) en levertraan binnenkrijgt. Ook dit beschermt de huid.
  4. Denk eraan dat kleding waar je doorheen kunt kijken UV-straling doorlaat. Deze kleding beschermt dus niet of onvolledig tegen verbranding.
  5. UV-straling kan niet door glas, dus achter een ruit wordt je niet bruin en maak je geen vitamine D.

Geniet van de zon, van het licht en de warmte!!